De gevende hand en de nemende hand

De grootgeleerde Al-Albāni -رحمه الله- werd gevraagd:

Een man wordt betaald middels een uitkering door een ongelovige regering op basis van dat hij niet werkt. Dus als hij werk vindt, dan wordt zijn uitkering opgeheven. Maar hij werkt in het geheim en meld hen (de uitkeringsinstantie) niet?

En hij antwoorde :

"Dat is niet toegestaan, niet dit en niet dat. Ook al werkt hij niet of werkt hij in het geheim. Het is niet toegestaan voor een moslim om zijn hand uit te strekken naar een ongelovige. Omdat de kwestie is zoals hij (de profeet) صلى الله عليه وسلم zei:

«اليَدُ العُلْيَا خَيْرٌ مِنَ اليَدِ السُّفْلَى»

"De bovenliggende hand is beter dan de onderliggende hand."
(Sahieh Al-Bukh
āri: 1427)


En de bovenliggende hand is de gevende (hand), en de onderliggende hand is de nemende/vragende (hand). En in de nobele vers wat voldoende is:

{وَلَن يَجْعَلَ اللّهُ لِلْكَافِرِينَ عَلَى الْمُؤْمِنِينَ سَبِيلاً}

"En Allāh zal nooit aan de ongelovigen een weg tegen de gelovigen geven (om ze te overwinnen)."
[Surah An-Nisā': 141]


Dit is ook het resultaat van de gevolgen dat de moslims in de ongelovige landen wonen.. "Duisternissen (verdorvenheden) die elkaar opstapelen."*
______________________________

 

Bron: Silsalah Al-Hudā wa An-Nūr, bandje nr: 623
*De shaykh verwijst hier naar: [Surah An-Nūr: 40]
Vertaald door: Team Al-Mabaadie Arabic Centre